Update: Sinds versie 1.2 (juni 2025) ondersteunt het Server-Side GTM-template hybrid tracking. Gebruik je ook een client-side container, dan raden we sterk aan om ook onze client-side fallback-tag te implementeren voor betere prestaties. Server-side only setups kunnen 15–20% minder goed presteren dan traditionele trackingpixels en onze hybride oplossing.
Dit artikel gaat uit van een reeds ingestelde tagging-server en de beschikbaarheid van relevante websitedata (zoals eventvariabelen) in je GTM-workspace.
Let op: Dit artikel is bedoeld voor technisch onderlegde gebruikers. Voor standaard client-side tracking, zie Handmatige implementatie van de conversiepixel.
Nuttige bronnen
-
Nog geen tagging-server opgezet?
Begin met de officiële handleiding: Google Tag Manager – Server-side setup -
Data vanuit je website versturen naar de tagging-server?
Volg deze instructies om events vanaf je frontend door te sturen: Gegevens versturen naar je server-side container -
Introductie nodig tot server-side tagging?
Lees verder: Analytics Mania – Introductie ssGTM, Simo Ahava – Server-side GTM gids
Aan de slag
Als je onze client-side GTM-oplossing eerder hebt gebruikt, voelt dit proces vertrouwd. Het grote verschil is dat server-side tracking niet langer vertrouwt op browsergebaseerde clickdata. We leggen de Daisycon Click ID (DCI) vast via een URL-parameter en slaan deze op in een first-party cookie.
Stap 1: Pageview-tag toevoegen
Begin met het toevoegen van het server-side tag-template:
- Open GTM Server-Side, ga naar Templates en zoek in de Community Template Gallery naar "Daisycon Conversion Tag Server-side (Synergy/Hybrid)".
- Voeg het template toe aan je workspace.
Maak vervolgens een nieuwe tag aan met dit template:
- Selecteer Page view als eventtype.
- Kies het gewenste logtype voor troubleshooting of live gebruik.
Configureer de tag om de DCI uit landingspagina-URL's te halen en in een cookie op te slaan:
- Kies zelf een URL-parameternaam, bijvoorbeeld
dci. - Geef je Daisycon-contactpersoon deze parameternaam door, zodat deze opgenomen wordt in campagne-URL's (bijv.
&dci=%DCI%). - Specificeer je eigen domein voor de cookie in het formaat .jouwdomein.nl.
De pageview-tag slaat ook de gclid (Google Click ID) op, maar alleen wanneer duidelijk is dat de klik afkomstig is van een Daisycon-campagne. Hiervoor moet óf een geldige dci-parameter óf utm_source=daisycon in de URL aanwezig zijn. Deze functionaliteit bereidt je implementatie voor op veranderingen in parallel tracking bij Google Shopping en CSS-campagnes, waarbij het redirectproces mogelijk niet langer direct gekoppeld is aan de oorspronkelijke affiliateklik.
Triggerconfiguratie
Zorg dat de tag op alle landingspagina’s afgevuurd wordt met de trigger Page View – All Pages.
Stap 2: Conversietag toevoegen
Zodra de DCI opgeslagen is, maak je een conversietag aan met hetzelfde template:
- Selecteer Conversion als eventtype en stel je logvoorkeur in.
- Vul je Daisycon-campagne-ID (bijv.
12345) en alle benodigde transactievariabelen in. - Voor hybrid tracking vul je Synergy Reference met een persistente transactie-ID (zoals
{{Transaction ID}}). Zorg dat deze overeenkomt met je client-side Synergy Tag.
Triggerconfiguratie
Server-side tags hebben geen directe toegang tot de pagina-URL. Gebruik een Custom Event-trigger die overeenkomt met je frontend conversie-event, zoals purchase.
Laatste stappen
Sla je tags en triggers op en publiceer de GTM-wijzigingen.
Geef je Daisycon-contactpersoon een seintje zodra je live bent, zodat de implementatie gecontroleerd en getest kan worden.
Conclusie
De Daisycon server-side conversietag in GTM zorgt voor betrouwbare tracking door DCI en GCLID vast te leggen. Dit garandeert een nauwkeurige attributie, ook bij toekomstige wijzigingen rond parallel tracking. Combineer deze altijd met de client-side Synergy Tag voor optimale hybride trackingresultaten. Vergeet niet je gekozen URL-parameters met Daisycon te delen, triggers correct te configureren en alle variabelen te verifiëren voor een probleemloze implementatie.